(N) We zijn de dag begonnen met een uurtje wandelen in Dimmuborgir, een drooggevallen lavameer. Een deel van de groep (de enthousiasten) ging hiervandaan lopend naar Hverfjall, de grootste explosiekrater ter wereld. De rest ging er met de bus heen en nam ook de minder steile helling, die toch zo’n 150 meter omhooggaat. Het weer is weer schitterend, zelfs boven op de berg is het lekker. (T) Een pittige beklimming weet je nog Geeske, maar we kwamen er. Was daar al het einde was onze reactie, we dachten dat we nog een stuk moesten. De hallucinaties kwamen bij inspanning en dagelijkse vermoeidheid toch even naar boven.
(N) We hebben dan ook bij de Godafoss heerlijk in het zonnetje geluncht. Daarna gingen we naar Akureyri om weer eens boodschappen te doen en wat te winkelen. Kleinere muntjes dan 1 kronor worden niet meer gebruikt (hebben we nagevraagd bij de toeristinformatie) maar er was een winkeltje dat de hele etelage vol had liggen met 5 aurar muntjes. Ik heb me nog even afgevraagd of ik durfde gaan vragen of we er een mochten hebben maar Suzanne vond er al een op straat. ’s Avonds hoorden we van Kleine Peter dat ze ze gewoon uitdelen, hij had er een hele handvol gekregen! We slapen vannacht op een grote zaal met matrassen op de grond maar Suzanne vond dat blijkbaar maar niks; ze was er tenminste naast gaan liggen en gebruikte haar matras als hoofdkussen.
